woensdag 26 augustus 2009

Het verschrikkelijke leven van Paultje

Het verschrikkelijke leven van Paultje (ballen)

Het is een opmars waar geen eind aan lijkt te komen.
Het is een opmars waar de buitenlanders in Amsterdam zelfs niet meer om heen kunnen. Het is de opmars van de Amsterdamse nepkakker. De bal die niet in het spel mee mag spelen maar die vanaf de zijlijn eeuwig mag wachten tot ie hopelijk ooit een trap tegen zich aan mag voelen.
Al een paar jaar verbaas ik mij over het verdwijnen van de identiteit van Amsterdam en hoewel ik daar het liefst mijn gelovige medemens de schuld van wil geven is het toch echt niet minder de schuld van de nepkakker.
De nepkakker blinkt uit in het nadoen van het soort mens waar hij zich graag bij zou willen voegen.
Oud geld.
Ik weet wat oud geld is en wat momenteel de Jordaan heeft verpest en de Cuyp en wat helaas nog komen gaat is geen oud geld. Het is gebakken lucht dat stinkt.
Het stinkt naar kak maar het is niet koud. Het is vers van de pers. Het is commercieele poep, diarree van woorden maar niet van daden. Het is half lang haar met een polo en een 'makkelijke' broek dat het woord gast en gozer in elke zin weet te brabbelen. Het is een paardestaart met hetzelfde tutgezicht en fantasieloze kleding dat met het doekje om de nek eigenlijk gewurgd zou moeten worden.
Het is het soort denkbeeldige verheven volk wat zich eigenlijk ronduit onbeschoft gedraagt en de ander dwingt zich bij hen te voegen als zwijgzame oppervlakkige zombie's met een opleiding. Het is dit volk dat zich durft uit te spreken in Amsterdam tegen mensen met een plat accent. Het durft de Amsterdammer te verbeteren.
Jaren geleden ben ik gevlucht voor de beruchte hete aardappel R maar het is me tot in Amsterdam achterna gegaan. Ik ben gestalkt en langzaam aan wordt mijn omgeving er door in genomen. Ik zit naast de hoeren maar zelfs zij, zelfs zij gaan er nu aan.
De wallen gaan eraan. Het wordt een vrolijke wirwar van gallerietjes en kledingwinkeltjes waar niemand op zit te wachten behalve de nepkakker.
De ballen staan in de lijn om de wallen over te nemen, over te kopen om het in te lijven en het zich eigen te maken. Onbetaalbaar te maken en door te verkopen aan zielloze medekakkers. Het is de teloorgang van Amsterdam dat zich momenteel als een olievlek verspreidt.
Gelukkig kijkt iedereen rustig toe. Men zwijgt en knikt een beetje schuin met het hoofd om nog enigzins te proberen verdrietig over te komen.
Boehoe en sniksnik.
Wat errrrrrrrrrg...............
Maar weet je wat nog erger is? Dat ik er helemaal niks aan kan doen. Het gebeurt en ik sta als een lamme lul naar de stuiterende ballen te kijken.
Als iemand een oplossing heeft zou die dan zo vriendelijk willen zijn dat met mij te delen. Dat met de rest van de echte Amsterdammers willen delen.
Opdat de kak van de straten wordt geveegd.

1 opmerking:

Bette zei

als ik t wist, als ik t wist...
ben bang dat we afgelopen week opnieuw weer overspoeld zijn door nieuwe kakkertjes... HELP!